Uw browser (Internet Explorer 11) is verouderd en wordt niet meer ondersteund. Hierdoor werkt deze website mogelijk niet juist. Installeer Google Chrome of update uw browser voor meer internetveiligheid en een beter weergave.

Zoeken
Onderwerp

Seksuele ontwikkeling 15-19 jaar

In de leeftijd van 15 tot 19 jaar worden relaties en seksuele contacten steeds serieuzer. Seks gaat stapje voor stapje verder en veel jongeren doen in deze periode de eerste ervaringen op met vingeren en aftrekken, geslachtsgemeenschap en orale seks. Praktisch opgeleide jongeren zijn eerder seksueel actief dan theoretisch opgeleide jongeren. Ook ontdekken veel jongeren in deze periode of ze op jongens of meisjes vallen.

Lichamelijke ontwikkeling 15 – 19 jaar

Het lichaam van meiden groeit door tot 17 jaar en dat van jongens tot 19 jaar. Rond het 15de jaar zijn jongeren nog erg gevoelig voor kritiek en afwijzing. Dit neemt vanaf 17 of 18 jaar af. Jongeren krijgen dan meer inzicht in wie ze zijn en gaan anderen beter begrijpen.

De mate waarin jongens en meiden zichzelf te dik of te dun voelen blijft vrij constant na het 14de jaar.

Naarmate jongeren ouder worden, zijn ze minder negatief over hun uiterlijk. Vooral meiden zijn op deze leeftijd veel met hun uiterlijk bezig. Daarnaast spelen ouders, leeftijdsgenoten en beelden in de media een rol. Meiden en vrouwen met een verleden van seksueel misbruik hebben vaak een minder positief lichaamsbeeld.

Relationele ontwikkeling

Vrijwel alle 15- tot 19-jarigen zijn weleens verliefd geweest. Ruim twee derde heeft weleens verkering gehad. Bij 15-jarigen worden de contacten met partners persoonlijker. Ze worden met meer zorg uitgekozen, maar nog wel grotendeels op basis van het uiterlijk. De meeste 16- en 17-jarigen hebben kortdurende verkeringen. Op deze leeftijd is het leren kennen en aangeven van de eigen wensen en grenzen een belangrijk aandachtspunt. De meeste jongeren hebben  seks binnen een vaste relatie. Een eventuele vaste partner wordt steeds belangrijker, bijvoorbeeld voor sociale steun. Uitgaan wordt voor veel jongeren een belangrijk onderdeel van hun sociale leven. Veel jongeren gebruiken daarbij alcohol en/of drugs.

Genderidentiteit

Voor jongens en meiden bestaan andere normen en verwachtingen op seksueel gebied. Er is sprake van een dubbele seksuele moraal: meiden die ‘te makkelijk’ overgaan tot seks kunnen op afkeuring rekenen, voor jongens is het juist statusverhogend om veel seksuele ervaring te hebben. Van jongens wordt verwacht dat ze altijd zin hebben en dat ze het initiatief nemen op het gebied van versieren en seks. Hierdoor zijn ze zich nauwelijks bewust van hun eigen grenzen. De druk om seks te hebben is in sommige groepen jongens behoorlijk groot. Van meiden wordt juist verwacht dat zij de grenzen aangeven. Zij zijn vaak zo gefocust op het bewaken van grenzen, dat ze onvoldoende toekomen aan hun eigen wensen.

Seksueel gedrag

Van de 15- tot 19-jarigen heeft 23% van de jongens en 28% van de meiden geslachtsgemeenschap gehad. Een meerderheid heeft dan dus nog geen geslachtsgemeenschap gehad, omdat het er nog niet van is gekomen, omdat jongeren zichzelf te jong vinden of omdat ze eerst een tijdje verkering willen hebben. Dat zijn de meest genoemde redenen van midden-adolescenten die nog geen ervaring hebben met geslachtsgemeenschap. Jongeren van 15 tot 19 jaar denken makkelijker over seks zonder verliefdheid of seks voor het huwelijk dan vroeg-adolescenten.

Vrijwel alle jongens van 15 tot 19 jaar zijn weleens seksueel opgewonden geweest. Vooral aan het begin van deze levensfase fantaseren jongeren vaak over seks. Meiden beginnen iets later met fantaseren dan jongens, en doen dit minder vaak. Jongens fantaseren bovendien vanaf de eerste keer ook tijdens de geslachtsgemeenschap. Voor meiden komt dit vaak pas na enige jaren seksuele ervaring. Dat jongeren fantaseren over seks en gevoelens van opwinding ervaren, wil niet direct zeggen dat ze daadwerkelijk seks willen hebben met een partner. 43% van de 15- tot 17-jarige jongeren zegt dat ze zichzelf te jong vinden.

Seksuele oriëntatie

Jongeren worden in deze periode zekerder over hun seksuele oriëntatie. Het duurt dan vaak nog een of twee jaar voordat ze dit aan anderen vertellen (de ‘coming-out’). In deze levensfase voelen veel homojongeren zich niet helemaal geaccepteerd of krijgen zij te maken met een negatieve houding tegenover homoseksualiteit. Dit veroorzaakt stress waardoor zij een kwetsbare groep zijn als het gaat om het psychisch welbevinden. Ze hebben bijvoorbeeld vaker depressieve gevoelens en suïcidale gedachten.