Uw browser (Internet Explorer 11) is verouderd en wordt niet meer ondersteund. Hierdoor werkt deze website mogelijk niet juist. Installeer Google Chrome of update uw browser voor meer internetveiligheid en een beter weergave.

Zoeken

Situaties in de klas op het (voortgezet) speciaal onderwijs

Tijdens lessen seksuele vorming kun je soms lastige vragen krijgen. Of er kunnen situaties ontstaan waarvan je niet meteen weet hoe je daarmee om kunt gaan. Benieuwd hoe andere docenten dat doen? Lees hier hun voorbeelden en tips.

Zien ze mij of zien ze mijn beperking?

Veel leerlingen met een beperking maken zich zorgen over de manier waarop de buitenwereld hen ziet. Ze zijn onzeker en vragen zich af of ze wel aantrekkelijk zijn. Hierdoor kunnen ze gevoeliger zijn voor aandacht van anderen. Wat kun je doen om een positief zelfbeeld te stimuleren?

Een van mijn leerlingen maakte tijdens de les de opmerking dat hij door zijn beperking toch nooit een partner zal vinden of seks zal hebben. Ik merkte dat hij onzeker was en bang voor afwijzing. Wat kan ik doen?

Een positief zelfbeeld

Besteed extra aandacht aan de ontwikkeling van een positief zelf- en lichaamsbeeld. Je kunt leerlingen bijvoorbeeld op een tekening van een (bloot) lichaam laten aangeven wat ze mooi aan zichzelf vinden. Of je kunt ze van zichzelf of van de ander positieve karaktereigenschappen laten benoemen. Bespreek dit klassikaal na en zorg ervoor dat iedere leerling iets positiefs over zichzelf heeft genoemd of gehoord. Laat weten dat iedereen uniek is en de moeite waard. Ook kunt je leerlingen oprecht gemeende complimentjes aan elkaar laten geven. Gebruik daarvoor lesmateriaal van de lessen sociale competentie.

Participatie

Stimuleer de zelfstandigheid en eigen inbreng van leerlingen. Hierdoor kan hun zelfvertrouwen en gevoel voor eigenwaarde toenemen. Geef je leerlingen een stem in het vormgeven van de lessen over seksuele en relationele vorming. Je kunt hiervoor de Toolkit Totally Sexy of de vragenlijst voor leerlingen gebruiken.

Mediawijs

Leg uit dat mensen in de media mooier gemaakt worden dan ze in het echt zijn. In veel bestaande methodieken en aanvullende materialen zijn lessen en werkvormen hierover opgenomen. In de werkboeken Media en Hoe zie ik er uit van Strux staan goede oefeningen. Ook gebruiken veel docenten Kriebels in je buik (groep 7/8) en de afleveringen van het Liefdesplein.

Toekomstperspectief

Praat samen met leerlingen over de toekomst. Hoe zien zij hun toekomst voor zich? Welke invloed heeft de beperking? Kies altijd voor een positieve insteek, maar blijf wel realistisch. De methoden Seks@relaties.kom en StrUx hebben lessen over toekomstperspectief. Ook in de spellen SeCZ Talk en Vrienden en vrijers komt het thema aan de orde.​

Mijn belangrijkste advies aan leerlingen met een lichamelijke beperking: als je in de liefde iets wilt bereiken moet je risico’s durven nemen! Schrijf jezelf niet bij voorbaat af, wees trots op jezelf en laat dat zien.

Seksueel gedrag in de klas

In het (voortgezet) speciaal onderwijs hebben docenten vaak te maken met leerlingen die ongepast of grensoverschrijdend seksueel gedragen vertonen. Hoe weet je wanneer gedrag seksueel gezond, zorgwekkend of schadelijk is? En hoe kun je hierop reageren?

Een zeer moeilijk lerende leerling van 15 jaar masturbeert in de klas tijdens mijn les over seksualiteit. Hij doet dit onder zijn tafel, de andere leerlingen hebben (nog) niets gezien. Hoe reageer ik hierop? En hoe bespreek ik dit met de jongen, de klas en zijn ouders?

Je kunt op verschillende manieren reageren op ongepast seksueel gedrag bij jongeren met een verstandelijke beperking. De stelregel is: gedrag benoemen, begrenzen en een alternatief bieden. Wat kun je in het hierboven beschreven geval doen?

Gedrag begrenzen

Spreek de jongen op een discrete manier individueel aan tijdens de les, zodat het gedrag direct stopt (gedrag benoemen en begrenzen).

Alternatief bieden

Bied de jongen een alternatief, afhankelijk van zijn niveau. Bij een laag niveau kun je een andere prikkel aanbieden. Bij een hoger niveau kun je uitleggen dat dit privé is en daarom niet in de klas mag, maar wel op zijn eigen slaapkamer.

Regels

Bespreek tijdens de les seksuele gedragsregels. Deze regels kan de school of het docententeam gezamenlijk formuleren.

Betrek ouders en zorgprofessionals

Betrek ouders en zorgprofessionals, zodra het gedrag structureel en niet bij te sturen is. De zorgprofessional kan op basis van observaties onderzoeken of het gedrag een signaal is van onderliggende problematiek (wordt de leerling onder- of juist overvraagd, heeft de leerling een andere aanpak nodig, hebben ouders moeite met opvoeden of bijsturen van hun kind, of ligt er een andere oorzaak aan het gedrag ten grondslag?).

Vlaggensysteem

Gebruik de methode ‘Vlaggensysteem’ om seksueel gedrag te duiden en in te schatten of het gedrag gepast of zorgwekkend is.

Een van mijn leerlingen (15) heeft op school via zijn mobieltje een pornosite bekeken. Zijn vader heeft mij hier vervolgens over geïnformeerd. Hoe reageer ik hierop?

Beleid van school

Leg zijn vader uit wat het beleid van de school is wat betreft pornosites. Vertel bijvoorbeeld dat het op school niet is toegestaan om porno te kijken. En welke maatregelen de school hiervoor treft (denk aan het vergrendelen van websites voor minderjarigen, of leerlingen alleen onder toezicht computers laten gebruiken).

Seksuele ontwikkeling

Benoem dat jongens vanaf een jaar of tien geïnteresseerd zijn in seksualiteit en seksueel getinte beelden. Ze kunnen dit spannend vinden of er opgewonden van raken, maar ze kunnen ook gewoon nieuwsgierig zijn.

Mediawijs

Vertel de vader dat hij zich niet direct zorgen hoeft te maken, maar dat het wel belangrijk is om zijn zoon uit te leggen dat deze beelden niet realistisch zijn en soms vrouwonvriendelijk. Vertel ook wat er op school wordt gedaan op het gebied van mediawijsheid en seksualiteit en verwijs eventueel naar bruikbare materialen voor ouders.

Omgaan met diversiteit

Leerlingen met een beperking hebben verschillende achtergronden (cultureel, religieus) en seksuele/gender identiteiten (lesbisch, homo, biseksueel, transgender, non-binair). Zo bestaan er in de klas verschillende opvattingen, niveaus en normen en waarden. Dit kan leiden tot confrontaties, pesten of uitsluiting. Hoe kun je daarop reageren?

Een niet-gelovige jongen en een islamitisch meisje (beiden 17 jaar en verstandelijk beperkt) hebben verkering. Ze mogen van hun ouders verkering. Alleen mag het meisje van haar ouders geen verkering met deze jongen, omdat hij niet islamitisch is. Ze willen elkaar beiden de hele dag aanraken en afspreken buiten het gezichtsveld van de leraren. Volgens de leraren is er sprake van een fixatie op de verliefdheid. Het meisje spijbelt sinds de relatie en heeft vaker ruzie met de leraren op school

De leraren op deze school vroegen zich af: ‘Moet je in deze situatie de wens van de ouders respecteren en deze verkering op school niet toestaan?’ De vraag gaat over de verantwoordelijkheid van de school en tot waar die reikt. Er zijn verschillende manieren hoe je als school kunt omgaan met verliefdheid, verkering en het seksuele gedrag (zoals zoenen op het schoolplein) wat daarbij hoort.

Visie op verliefdheid en relaties

Veel leerlingen experimenteren op deze leeftijd met relaties en verliefdheid. Zorg ervoor dat je als school een visie hebt op ‘verliefdheid en relaties op school’. Welke afspraken maak je als team? Mag er gezoend op het schoolplein? Wat zou de situatie zijn in het regulier onderwijs? Wat doe je bij een fixatie op verliefdheid? Gebruik hierbij de seksuele ontwikkelingsfasen als uitgangspunt.

Sociaal netwerk

Voor veel leerlingen in het (voortgezet) speciaal onderwijs is school de enige plek waar leerlingen kunnen experimenteren met relaties. De leerlingen verschillen daarin van leerlingen in het reguliere onderwijs. Ze komen vaak van ver en hebben thuis of in de buurt een minder groot sociaal netwerk. En dus ook minder mogelijkheden om verliefd te worden, relaties aan te gaan en te experimenteren met seksualiteit. Terwijl dit een belangrijke factor is bij de ontwikkeling van seksuele gezondheid. Houdt rekening met deze factor bij het bepalen van een schoolvisie en/of beleid.

Religie

Het is belangrijk om in de lessen aandacht aan relatievorming, cultuur en religie te besteden. Gebruik bijvoorbeeld het lespakket Lang Leve de Liefde en lees meer over verliefdheid, relaties en islam op sense.info. Vertaal de informatie op deze site naar het niveau van de leerlingen.

Ouders

Bespreek met ouders de visie van de school op seksualiteit en seksuele vorming. Benoem ook de verantwoordelijkheid van de school. Zo kan een school in bovengenoemde casus aangeven dat zij geen verantwoordelijkheid kan dragen op het gebied van ‘op wie leerlingen verliefd worden of met wie zij verkering hebben’. Het is belangrijk om ook aan te geven waar de school wel verantwoordelijkheid draagt (lessen seksuele vorming, veiligheid, et cetera).

Individueel

Maak een afspraak met het meisje naar aanleiding van haar (spijbel-)gedrag. Benoem de relatie en geef aan dat het meisje ook met vragen hierover bij de school terecht kan. Verwijs eventueel naar de vertrouwenspersoon op school.

In mijn klas zitten veel leerlingen met ass. Ze hebben moeite met nuanceren en denken én benoemen zaken soms erg zwart/wit. Dit zorgt in onze klas voor veel homo-negatieve uitspraken. Hoe maak ik het onderwerp bespreekbaar en zorg ik dat deze discriminatie stopt?

Taalpalet

In dit geval kun je starten met het aanbieden van een breder taalpalet. Je leert je leerlingen meer nuances, waardoor zij zich beter leren uitdrukken. Je kunt hiervoor een woordweb gebruiken of het sekswoordenboek.

Stellingen

Oefen het geven van een eigen mening aan de hand van een aantal stellingen. Laat leerlingen hun mening zo genuanceerd mogelijk formuleren. Vraag door op het moment dat er ongenuanceerd gepraat wordt (‘Bedoel je dat…’ of ‘Vind je dat..’).

Rollenspelen

Laat leerlingen in de rol van ‘pester’ of ‘gepeste’ kruipen. Geef de rollen bijvoorbeeld juist aan leerlingen die normaal in de andere positie zitten. Oefen het benoemen van de gevoelens die dit voor beide partijen oproept en benoem hoe je respectvol met elkaar kunt omgaan.

Gastdocent

Nodig een gastdocent uit met een homo- of biseksuele identiteit. In veel klassen blijkt dat homo-negativiteit dan wegvalt. Het is geen ‘onderwerp’ meer, maar een persoon met een verhaal en met gevoelens. Wat het onderwerp daardoor vaak makkelijker bespreekbaar maakt.

Ruimte voor ontwikkeling

Besteedt in je lessen seksuele vorming expliciet aandacht aan seksuele identiteit en genderidentiteit. Leg uit wat het is en benoem mensenrechten, ideeën over gelijkheid en respect.

Tip!

In Friesland werkt Tumba met het spel ‘Wie van de drie?’ geïnspireerd op het bekende tv-spel uit de jaren zeventig. In deze versie stellen de drie kandidaten zich voor en vertellen dat ze homoseksueel zijn, aan de groep de opdracht om te achterhalen wie van de drie de waarheid spreekt!

Van theorie naar praktijk

Tijdens de les lijken de leerlingen alles begrepen te hebben. Maar in de praktijk kan het vervolgens toch mis gaan. Omdat leerlingen de situatie niet herkennen of niet weten hoe ze het geleerde in de praktijk toe kunnen passen. Wat kunt u doen om de praktische toepasbaarheid van uw lessen te vergroten? Een aantal tips van andere docenten.

Soms blijkt dat leerlingen wat ze op school leren lastig kunnen generaliseren naar situaties en vaardigheden in het ‘echte’ leven. Zo heb ik een leerling gehad die ongewenste en onveilige seks had en daarvan zwanger raakte. Wat kun je als docent doen om dat te voorkomen?
Er zijn verschillende manieren om de praktische toepasbaarheid van je lessen seksuele vorming te vergroten. Hieronder een aantal tips van andere docenten.

Wie weet hier het antwoord op?

Laat leerlingen onderling vragen van elkaar beantwoorden over dit onderwerp. Zo krijg je goede gesprekken op het niveau van de leerlingen zelf. Vul aan en stuur bij waar nodig.

Concreet beeldmateriaal

Werk met concrete en realistische voorbeelden (zoals video’s van KLOS TV).

Spreekbeurt

Laat leerlingen zelf een les geven over veilige seks, weerbaarheid en relaties. Zo kunnen ze zich de stof echt eigen maken.

Hulp vragen

Leer zeer moeilijk lerende leerlingen en leerlingen met ASS wanneer ze hulp moeten vragen en aan wie. Als ze een situatie niet herkennen, zoeken ze namelijk ook niet naar de oplossing. Bespreek daarom duidelijk met ze in welke situaties ze om hulp kunnen vragen. Bijvoorbeeld als ze geen seks willen of geen condooms bij zich hebben.

Een onderwijsassistent vroeg mij na de les over condoomgebruik waarom we deze les aan alle leerlingen aanbieden. Ze verwacht dat een aantal van hen toch nooit seks zal hebben. Wat kan ik als docent antwoorden op deze vraag?

Voorbeelden van antwoorden

  1. Wie zijn wij om te bepalen wie er recht heeft op deze lessen en wie er seksueel actief wordt in de toekomst?
  2. Hiermee laat je zien dat je de leerlingen serieus neemt. Dit is goed voor hun zelfvertrouwen en draagt bij aan een positief zelfbeeld.
  3. Je wilt het toch besproken hebben. Als ze wel in de situatie terecht komen, dan hebben ze in ieder geval de kennis erover. Twee herinneren zich meer dan één.
  4. School is dé plek om dit te leren, daarna verdwijnen de leerlingen uit het zicht.
  5. Wij hebben vanuit de kerndoelen de opdracht leerlingen te begeleiden bij het maken van seksueel gezonde keuzes.
We hebben op onze school te maken met grote niveauverschillen tussen leerlingen in dezelfde klas. Zo kan een leerling vragen wat pijpen is, terwijl een ander nog niet eens weet wat een penis is. Heeft het dan zin om plenair op de vraag over pijpen in te gaan?

Rol van expert

Bij leerlingen die er nog niet aan toe zijn, gaat te lastige stof gewoon over hun hoofden heen. U kunt de vraag dus prima plenair behandelen, zodat de leerlingen die er wel aan toe zijn de benodigde informatie krijgen. U kunt de leerlingen die al meer weten ook in de rol van expert zetten. Laat hen vertellen wat ze hierover weten en corrigeer waar nodig. Leerlingen leren graag van elkaar. Zie er wel op toe dat de informatie betrouwbaar is.

Leerlingen indelen op kennisniveau

Als het roostertechnisch mogelijk is, kunt u leerlingen in plaats van op leeftijd op kennis- of ervaringsniveau bij elkaar zetten.

Leg de vraag bij de leerlingen

Vraag aan de leerling: “Wat denk je zelf dat pijpen betekent?” of aan de klas: “Weet iemand anders wat dit betekent?”. Zo kan er een gesprek op het niveau van de leerlingen ontstaan. Vul informatie aan en corrigeer waar nodig.

Ook interessant